Ik benijd mannen nooit, om de simpele reden dat ik vrouwen beter gelukt vind, als mens. Maar vandaag komt dan toch de jaloezie.
Ik moet namelijk naar de kapper, heel nodig ook, mijn uitgroei begint op color blocking te lijken en als ik zeg dat de onderste tien centimeter van m’n haar pluizig is geworden, formuleer ik het lief. Weer te lang gewacht.
Maar ik haat de kapper. Niet kappérs, laat dat duidelijk zijn, als ik één beroepsgroep mateloos respecteer is het deze wel, met het jaar in, jaar uit voeren van gesprekken over al dan niet afgeronde/geplande vakanties, terwijl ze ondertussen ook nog iets leuks van al die hoofden moeten maken, onderwijl wegtrekkend van de chemische dampen of mensen die heel erg uit hun mond stinken.