Twee koppels: één rijk met een onvervulde kinderwens, het andere in de schulden maar wel vruchtbaar. Als zij voor een smak geld het kind van hun ‘vrienden’ dragen, lijkt de macht in Anouk Kempers roman Gelukkig maar te liggen bij het stel dat de portemonnee trekt. Maar is dat wel zo?
“Als je eind dertig bent, kopen vrienden die op gelijke voet zijn begonnen ineens een huis van een miljoen terwijl jij misschien nog in een huurhuis zit.”