Het was voorjaarsvakantie en de kinderen verveelden zich een beetje. Wat doe je dan als goede vader? Je neemt ze mee naar een zwembad.
En dan niet zomaar een simpel bassin waar ze baantjes kunnen trekken.
Het was voorjaarsvakantie en de kinderen verveelden zich een beetje. Wat doe je dan als goede vader? Je neemt ze mee naar een zwembad.
En dan niet zomaar een simpel bassin waar ze baantjes kunnen trekken.
Ben je mal, je gaat op zoek naar een subtropisch zwembad. Zo’n enorme glazen koepel waar de chloorlucht direct op je luchtwegen slaat, de bleke patat veel te kort gebakken wordt en er altijd wel ergens een kind huilt. Maar daar tegenover staat een ruim aanbod aan glijbanen, zelfs die waar je met opblaasbare banden vanaf kunt, en een heuse wildwaterbaan. Kortom, enigszins de hel voor jou, maar het walhalla voor je kroost en daar gaat het allemaal om. Zoals mijn moeder vroeger al tegen ons zei: als jullie gelukkig zijn, ben ik het ook.
Voor vertrek thuis zorg je dat je aan alles denkt. Er moet uiteraard zwemkleding mee, maar ook ringen die je kunt weggooien en vervolgens kunt opduiken. Ballen om mee te gooien, voldoende handdoeken, duikbrillen en gesmeerde boterhammen die je altijd weggooit omdat patat en ijs er nou eenmaal bijhoren, gaan ook mee. Deze jongen was op alles voorbereid.
Bij aankomst zijn de beide dochters al nauwelijks meer te houden. Er wordt druk besproken welke glijbanen er in welke volgorde bezocht zullen worden. Je propt jezelf met zijn drieën in een veel te klein hokje dat je afsluit door de bank naar beneden te doen. Je maakt natuurlijk de klassieke fout door eerst je kinderen om te kleden en dan pas jezelf. Zij zijn dan al klaar, vinden het benauwend klein en kunnen niet meer wachten, waardoor je uiteindelijk halfnaakt te zien bent omdat de deur al te vroeg geopend wordt. Hoort er allemaal bij, prima, niks aan de hand.
Maar dan blijkt er een hobbel op de weg die je niet aan hebt zien komen: de kluisjes. Die zijn ergens in de jaren negentig blijven hangen, want die werken nog op muntjes. Weliswaar muntjes die je na gebruik van het kluisje weer terug krijgt, maar toch. Wie heeft er in deze tijd nog geld op zak? Ondanks dat ik dit jaar veertig word, betaal zelfs ik sinds kort alles via mijn telefoon. Ideaal voor iemand die vrijwel altijd zijn portemonnee kwijt is. In de kluisjes dien je twintig cent te werpen. Daar sta je dan, omgekleed en wel, je handen vol met kleding van je twee dochters en jezelf en geen cent op zak.
Gelukkig staat er een zwembadmedewerker in het zicht. Ik leg uit dat ik geen cash geld heb en dus geen kluisje kan gebruiken. Hij wijst me op de wisselautomaat waar je biljetten kunt omzetten in muntstukken. Kennelijk is de term cash geld hem niet helemaal duidelijk. Aan sommige potloden is nou eenmaal geen puntje te slijpen.
Ik prop alles in een openstaande kluis en samen met twee rillende meisjes gaan we terug naar de kassa om dan maar twintig centen te pinnen. Dat zal helaas niet gaan, aldus de caissière, ik zal iets moeten kopen. Kort samengevat: ik heb een nieuwe duikbril. En twintig cent.
Jan Versteegh is presentator, podcastmaker en schrijver. Hij woont samen met vrouw Dieuwertje en dochters Lulu en Bella. Hij is auteur van Doodmoe & dolgelukkig. Het boek geeft een eerlijk inkijkje in het vaderschap. Op deze plek zal Jan wekelijks zich druk maken en verwonderen.